Cognitieve Ontwikkeling

leren en onderwijs

Omgaan met leerproblemen

Het leren bij kinderen met het Chung-Jansen syndroom verloopt moeizamer en anders dan bij het gemiddelde kind, mede vanwege alle bijkomende problematiek in de concentratie en prikkelverwerking. De aandacht zal vooral moeten gaan naar het ‘leren leren’.

Bij deze kinderen heeft het nut taakjes op te delen in kleine stukjes waardoor het overzicht bewaard blijft en het voor het kind duidelijk is wat er verwacht wordt. Ook zal een uitleg wellicht meerdere keren herhaald moeten worden voordat een kind het ook daadwerkelijk begrijpt. Omdat kinderen met dit syndroom over het algemeen goed verbaal zijn ingesteld is de valkuil dat er vanuit wordt gegaan dat het kind de opdracht wel begrijpt terwijl dit eigenlijk niet zo is.

Begeleiding

Het stapsgewijs leren kan bij een vroege diagnose al op zeer jonge leeftijd worden toegepast. Een ambulant begeleider kan met de ouders in kleine stapjes werken aan de ontwikkeling van het kind door gebruik van ontwikkelingsgericht materiaal.

Het belang van een vroege diagnose is ook belangrijk voor de keuze voor onderwijs. Ondanks dat er een aantal kinderen wel op regulier onderwijs blijft (vaak met ondersteuning) is er ook een groot aantal kinderen die gebaat zijn bij een omgeving waar meer bij hun problematiek wordt aangesloten.

Al voordat een kind naar de kleuterschool gaat zijn er mogelijkheden om naar een speciale peutergroep, verbonden aan een revalidatiecentrum, te gaan waar verschillende soorten therapie ingezet kunnen worden. Dit heet een therapeutische peutergroep.

Ook kan een kind verwezen worden naar een medisch kinderdagverblijf waar de ontwikkeling van het kind in kaart gebracht en gestimuleerd kan worden om uiteindelijk te kunnen bepalen welk onderwijstype het meest passend zal zijn. Kinderen kunnen hier doorgaans blijven tot maximaal 7 jaar.

Onderwijs

4- 12 jaar
Buiten regulier basisonderwijs kan er gekozen worden voor een onderwijstype waarbij therapie (ergotherapie, logopedie en fysiotherapie) gegeven kan worden onder schooltijd of voor een schooltype waar juist wordt aangesloten bij gedrags- en ontwikkelingsstoornis.

Voor kinderen met een syndroom sluit cluster 3 onderwijs over het algemeen het beste aan. Dit betreft onderwijs voor kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking.

Cluster 4 onderwijs is gericht op kinderen met autisme en /of gedragsproblematiek, maar wel bedoeld voor kinderen met een laag gemiddelde tot gemiddelde intelligentie. Soms behalen kinderen met PHIP dit intelligentieniveau niet.

Ook is er nog een tussenvorm tussen speciaal en regulier basisonderwijs: Speciaal basisonderwijs. Dit onderwijs is gericht op moeilijk lerende kinderen met evt. gedragsproblematiek.

Vervolgonderwijs kan regulier onderwijs of speciaal onderwijs zijn. Praktijkonderwijs is vaak de opvolging van cluster 3-onderwijs waarbij kinderen zo goed mogelijk worden voorbereid op de maatschappij. Na afronding is evt. doorstroming mogelijk naar het MBO.

Voor meer informatie over speciaal onderwijs gaat u naar
rijksoverheid.nl